Roadtrip: De Zilverroute

Zilver en goud hebben de mens altijd al gefascineerd. Voor deze edele metalen werden oorlogen gevoerd, schepen geënterd, moorden gepleegd en verdragen geschonden. De hebzucht en het geweld dat onlosmakelijk verbonden is met goud en zilver, kronkelt als een rode draad doorheen de geschiedenis. Aan de queeste naar rijkdom zitten gelukkig ook soms mooie kanten. De Ruta De la Plata die de Romeinen aanlegden tussen Sevilla en Gijon is daar een mooi voorbeeld van.

 

Sevilla is een eind weg zodat een stevige toerbuffel me een absolute noodzaak lijkt voor deze trip. Met veel plezier en ook wel een beetje nieuwsgierig naar zijn prestaties en kwaliteiten, start ik de watergekoelde BMW R 1200 RT. De eerste zeshonderd kilometer snelweg maalt de Duitse toermotor alvast probleemloos af en ik stap fris als een hoentje mijn kamer in Châteauroux binnen.

 

De weergoden zijn niet met ons”, zou  de voorzitter van mijn sportclub zeggen op een ochtend als vandaag. De lucht boven Châteauroux zit potdicht en dat zal de eerste tweehonderd kilometer richting Zuiden niet veranderen. Wanneer ik de snelweg na achthonderd kilometer inruil voor de betere secundaire wegen, houdt het eindelijk op met regenen en kan ik de rijmodus van ‘Rain’ naar ‘Road’ omschakelen. Na zo’n lange snelwegrit is het zowel voor mij als voor de RT aanpassen, heb ik het gevoel. Dat gevoel is voorbij wanneer ik ’s avonds in een onpersoonlijk hotel in de buurt van Lourdes incheck. Het is nog geen vijf uur, maar de  donkere wolken boven de Pyreneeën en de regen die ik al achter de rug heb, doen me besluiten om er vrij vroeg een punt achter te zetten voor vandaag. Ik zie dat er Leffe en Grimbergen op de kaart staan zodat ik mij geen zorgen maak over hoe ik de avond door ga komen.

 

Halfweg

 

De route langs de Aubisque en de Soulor blijkt een goede keuze. De weg is droog, de temperatuur (zes graden) best aangenaam en de koffie die ik van de man op de top geserveerd krijg, lekker. Geen enkele auto kruist mijn pad op weg naar de top. De rustige beklimming, zonder ook maar één haarspeld, had ik helemaal voor mij alleen: zalig. Zo rij ik met plezier Spanje binnen. Ik ben halfweg tot aan de startplaats van de Zilverroute. Een eind weg toch, Zuid-Spanje, maar met de RT kan ik best nog eens 1.100 kilometer aan. Met de kilometers verovert de Beemer stilaan mijn hart. Ik rij over een schitterende ‘Autovia’ tot voorbij Zaragoza, maar dan is het tijd voor een tochtje door het binnenland, waar de meeste wegen ook van topkwaliteit zijn. De uitgestorven dorpen zijn vaalbruin gekleurd en verdwijnen soms in het decor, er valt geen levende ziel te bespeuren. Ik vraag me meermaals af of er überhaupt wel mensen wonen. Dan is het in Avila, een provinciestadje dat omwille van zijn architecturale pracht deel uitmaakt van het Unesco erfgoed, wel een pak drukker. Voor wielerliefhebbers zal Avila altijd verbonden zijn aan de naam Frank Vandenbroucke. Hier won de betreurde wielrenner niet alleen op spectaculaire wijze een rit in de Ronde van Spanje, tegelijk veroverde hij het hart van zijn Italiaanse vlam Sara Pinacci. Nog één dag van vijfhonderd kilometer en ik kan eindelijk aan mijn Zilverroute beginnen.

 

Tekst en foto’s: Chris Wouters

Facebook comments