Gebruikersnaam:

Paswoord:




Registreer

Paswoord vergeten?
Politici en motoren: deel 5
DMS | 2 mei 2014

Volgens Touring komt er ieder jaar zo’n 15 miljard binnen van Belgische automobilisten, maar vloeit daar slechts een fractie daarvan terug naar het onderhoud en optimaliseren van ons wegennet. Welke inspanningen zal uw partij leveren om die wanverhouding uit het leven te helpen?


sp.a


De opbrengsten van de autofiscaliteit moeten gebruikt worden om verschillende mobiliteitsdoelstellingen te verwezenlijken. Het gaat dan onder meer om investeringen in beter en uitgebreider openbaar vervoer, de aanleg van meer en veiligere fietspaden, controles op de naleving van verkeersregels, sensibiliseringscampagnes enzovoort. Een voldoende groot deel van deze middelen dient uiteraard ook aangewend te worden voor het structureel onderhoud van onze wegen. Een goed onderhouden wegennet is van groot belang voor de verkeersveiligheid, niet in het minst voor kwetsbare weggebruikers zoals motorrijders. De afgelopen jaren heeft de Vlaamse regering een fameuze inhaalbeweging gerealiseerd om de achterstand op het vlak van het onderhoud van onze wegen goed te maken. sp.a wil deze inspanningen aanhouden in de komende legislatuur.


Bruno Tobback
Voorzitter sp.a


Open Vld


Om ons wegennet aan te passen aan de noden van vandaag zijn voor Open Vld doelgerichte investeringen nodig in missing links, maar ook in extra rijruimte, nieuwe wegen en spitsstroken. Om deze investeringen te versnellen, vindt de maatschappelijke participatie plaats vóór de voorkeursbeslissing. Wij versnellen ook de investeringen in dynamische verkeersmanagementsystemen (met o.a. groene golven en flexibele wegrichtingen), het onderhoud aan onze wegen, de afwikkeling van ongevallen en de vermindering van het aantal op- en afritten. In Antwerpen, die de grootste Vlaamse flessenhals vormt, wordt snel een reeks van tijdelijke maatregelen genomen.


Diederik Pauwelyn
Stafmedewerker Open Vld


Groen


Gezien de belabberde toestand van het bestaande wegennet in Vlaanderen willen wij absoluut meer investeren in het onderhoud en in het veiliger maken van ons bestaand wegennet. Wegen moeten zo ingericht zijn dat geanticipeerd wordt op mogelijke fouten van weggebruikers. En dat bij ongevallen de letsels zo licht mogelijk zijn. Dat is van groot belang voor motorrijders die nu de grootste risicogroep zijn geworden in het verkeer. Wegen worden best ‘vergevingsgezind’ aangelegd. Als er dan toch een fout gemaakt wordt, zijn de gevolgen minder ernstig. Fysieke rijbaanscheiding zou de regel moeten worden. Wegen zouden dan best beveiligd worden met kabelscheidingen of kreukelpalen die meegeven in plaats van harde of scherpe vangrails of palen.

De inkomsten waarvan sprake is volledig te investeren in weginfrastructuur zou leiden in een suboptimaal mobiliteitssysteem. We moeten deze middelen ook kunnen inzetten om de alternatieven voor het wegverkeer verder te ontwikkelen om op die manier ook de files terug te dringen. Het is natuurlijk moeilijk de wagen thuis te laten als er te weinig geloofwaardige alternatieven zijn. Daarom willen we eindelijk werk maken van de uitbouw van alternatieve transportmodi, vlot en betrouwbaar openbaar vervoer, overstapparkings, telewerken, carpooling, elektrische fietsen. Duurzame mobiliteitsoplossingen moeten beschikbaar én betaalbaar zijn voor iedereen. De middelen uit bijvoorbeeld de verkeersfiscaliteit daarvoor te gebruiken lijkt ons dus gerechtvaardigd.


Ulrike Beuck
Studiemedewerker ruimte, mobiliteit, milieu


N-VA


De Vlaamse overheid heeft de voorbije jaren grote investeringen gedaan in het onderhoud van autosnelwegen en andere wegen. Tegen 2015 is de achterstand ingelopen. De gewestwegen moeten aangepakt zijn tegen 2020. Bovendien staan er heel wat grote projecten op stapel (Ring rond Brussel, Antwerpse ring,…). Ook investeringen in openbaar vervoer en fietsinfrastructuur moet in rekening gebracht worden.

Ook hier worden we geconfronteerd met een institutioneel kluwen. Het is niet zo dat één enkele overheid elk jaar 15 miljard ter beschikking heeft. De opbrengsten worden verdeeld over verschillende overheden (gemeente, Vlaanderen, België). Men moet dus alle investeringen van alle overheden samen bekijken.

 

Sander Loones
Coördinator Studiedienst N-VA

 

CD&V


CD&V wil de DRIVE-toets invoeren in het mobiliteitsbeleid waarbij DRIVE staat voor Duurzaam, Respectvol, Intelligent, Veilig en Evenwichtig. Met de E verwijzen we naar een evenwichtig mobiliteitsbeleid dat streeft naar een zo transparant en eerlijk mogelijke besteding van de middelen die aan de samenleving en aan de individuele gebruikers van de verkeersinfrastructuur gevraagd worden.

Zo geloven we dat het opnieuw investeren van de opbrengsten van verkeersboetes in initiatieven ter verbetering van de verkeersveiligheid het draagvlak vergroot voor het beleid. Investeringen in een veilige weginfrastructuur vallen hier ook onder. Zo heeft minister Hilde Crevits de voorbije legislatuur zeer sterk geïnvesteerd in het beter en veiliger maken van de wegen, o.a. door een historische onderhoudsachterstand op de autosnelwegen structureel weg te werken en door meer dan 800 gevaarlijke punten op de gewestwegen een voor een aan te pakken en op te lossen. Dat zijn realisaties waarvan de motorrijders ook ten volle van kunnen genieten. In de toekomst wil CD&V de netto meerontvangsten van de kilometerheffing voor vrachtwagens investeren in projecten voor betere verkeersinfrastructuur.

 

Steffen Van Roosbroeck
Woordvoerder CD&V

 

Vlaams Belang


Het Vlaams Belang wil de wanverhoudingen waarvan sprake op twee manieren weg werken.

Ten eerste stellen we vast dat de automobilist als melkkoe ongeveer 12 tot 15 miljard euro per jaar aan de federale overheid opbrengt  aan wegenbelasting, taksen en accijnzen op brandstof. We weten dat de NMBS ongeveer 3 miljard euro per jaar krijgt en dat tram en bus ongeveer 1,7 miljard euro per jaar krijgen. Voor het wegwerken van de historisch slechte staat van ons wegennet maakt de Vlaamse overheid echter amper 110 miljoen euro vrij. Dat terwijl zowat een derde van de dodelijke motorongevallen in dit land te wijten is aan de gebrekkige weginfrastructuur! Misschien zou de Vlaamse Regering beter meer investeren in het onderhoud van onze wegen en in de veiligheid dan in de wildgroei aan flitspalen in Vlaanderen. Daarenboven blijft er een enorm kwaliteitsprobleem bij de herasfaltering van onze wegen. Kijk maar naar de E19 of de pas heraangelegde E40 tussen Leuven en Brussel, waar na amper een jaar tijd het wegdek opnieuw in erbarmelijke staat verkeert. Blijkbaar hanteert de overheid geen enkel criterium naar kwaliteit van asfalt en onderlaag toe, bij de toekenning van aanbestedingen.

Ten tweede wil het Vlaams Belang de hele fiscaliteit rond mobiliteit overhevelen naar de gewesten. Zowat 80% van de verkeersboetes worden uitgeschreven in Vlaanderen maar ondertussen vloeit meer dan de helft van de inkomsten van het verkeersveiligheidsfonds (de opvolger van het verkeersboetefonds) terug naar Wallonië. Het Vlaams Belang eist dat de inkomsten van de Vlaamse verkeersboetes integraal terug naar Vlaanderen vloeien, en dat die inkomsten integraal zouden worden gebruikt om ons erbarmelijk wegennetwerk terug in een aanvaardbare staat te brengen.

Stijn Hiers
Vlaams Belang

 

PVDA+


PVDA+ liet ons weten dat ze bezig zijn met het antwoorden van enkele vragen, maar dat het nog wat tijd kan in beslag nemen. Hun antwoord vind je hieronder:

De PVDA is weliswaar een sterk groeiende partij, evenwel met zeer bescheiden middelen. Wij breiden stelselmatig onze  werkings- en studieterreinen uit. Daarbij rekenen we sterk op overleg en samenwerking met het middenveld en organisaties als de uwe.

Over motorrijden zijn onze standpunten eerlijk gezegd nog beperkt. Daarom kunnen we nog niet voldoende precies en concreet op jullie vragen antwoorden, ook al door een gebrek aan tijd.

Toch mag u binnenkort enkele antwoorden verwachten, wel niet op iedere vraag.

Ruben Ramboer
Medewerker Nationaal Secretariaat PVDA+


LDD


Van LDD hebben we momenteel geen antwoorden op onze vragen ontvangen.